Nog geen accreditatie voor pabo
Accreditatieverstrekker NVAO twijfelt aan het hbo-niveau van de pabo-opleiding van de HvA en neemt daarom het afstudeerwerk van 2009 onder de loep voordat de opleiding een definitief keurmerk krijgt. Naast de HvA kregen nog zes opleidingen ‘voorwaardelijk’ van de kwaliteitswaakhond.
Om subsidie te ontvangen en studenten te mogen werven voor een opleiding is eens in de zes jaar goedkeuring van de NVAO vereist. De HvA heeft de afgelopen jaren allerlei maatregelen genomen om het hbo-niveau te garanderen, schrijft de NVAO in een vandaag verschenen persbericht.
Maar de keurmeester wil weten of die maatregelen hun vruchten hebben afgeworpen en neemt voor de zekerheid de afstudeerscripties van 2009 onder de loep. Voor de pabo’s van de Christelijke Hogeschool Windesheim, de Marnixacademie, Iselinge en de IPABO (waarmee de HvA samenwerkt in de Pabo Almere) geldt hetzelfde. NVAO-voorzitter Dittrich stelt daarvoor een speciaal panel in. ‘Tegenvallers’ worden daarbij niet verwacht.
Het kan overigens erger: de opleidingen van de Hogeschool Leiden en de Hogeschool Zuyd krijgen een veel zwaardere aanvullende beoordeling. Vooral aan de kwaliteit van Hogeschool Zuyd wordt getwijfeld. De NVAO kondigt aanvullend onderzoek aan naar het niveau van het programma, het personeel en het afstudeerniveau. Voorzitter Karl Dittrich zegt zelfs dat de NVAO die opleiding ook had kunnen afkeuren.
De lerarenopleidingen zijn extra scherp gecontroleerd door de NVAO. Staatssecretaris Van Bijsterveldt had daar twee jaar geleden op aangedrongen na hevige kritiek op de opleidingen. Pabo-studenten konden niet goed genoeg rekenen en schrijven, vonden critici. In 2005 twijfelde de NVAO nog aan 22 van de 39 pabo-opleidingen. (HOP/TdO)





